Cultureel centrum De Sterrentuin, Leiderdorp

Het cultureel centrum "de Sterrentuin" ligt in het hart van Leiderdorp en vervult een belangrijke wijkfunctie. In het gebouw kun je boeken lenen of leren op de Volksuniversiteit. Maar je kunt er ook terecht om het museum en het theater te bezoeken of uit te gaan naar het Grand Café.  Alle functies zijn vanuit het centrale atrium bereikbaar. De appartementen op de verdiepingen intensiveren het grondgebruik en zorgen voor een bebouwingshoogte die past bij de maat van de stedelijke ruimte.

Het gebouw breekt door zijn afwijkende vorm met de bestaande rechthoekige bebouwing. Het groen van het park loopt door op de hellende daken. Stadspark de Houtkamp wordt er landschappelijker en stedelijker door.

Het complex is in opdracht van Vorm Ontwikkeling ontworpen en gerealiseerd, na winst in december 2005 van een door de gemeente Leiderdorp uitgeschreven prijsvraag voor een nieuw Sociaal Cultureel Centrum (SCC).

fotografie: Roos Aldershoff ©

 

Status gerealiseerd 2009
Architecten Joost de Haan
Medewerkers Hans Schepman
Opdrachtgever(s) Vorm Ontwikkeling, gemeente Leiderdorp
Gerelateerd

In opdracht van Portaal ontwikkeling hebben wij in 2004 een stedenbouwkundig ontwerp gemaakt voor het gebied tussen de Diamantlaan en de spoorlijn Leiden - Den Haag. De bestaande krappe portieketageflats hebben plaats gemaakt voor eenzelfde aantal levensloopbestendige woningen, variërend van eengezinswoningen tot appartementen in een toren van 14 lagen. Het plan is opgedeeld in 3 bouwblokken, met ieder een eigen kleur metselwerk, rondom een groene binnenhof. Het plein met toren sluit aan op het bestaande winkelcentrum

In het wooncomplex zijn verspreid over alle drie de woonblokken diverse zorg- en maatschappelijke voorzieningen opgenomen. Bewoners parkeren onder de binnentuinen van de gesloten bouwblokken in twee parkeergarages. Geluidwerende maatregelen in de woningen langs het spoor en de uitvalswegen beperken de overlast van verkeer. Door de toegepaste woningtypologieën kennen de blokken alleen maar voorkanten.

Het plan is gerealiseerd in 2012.

In nauwe samenspraak met de gemeente Leiden heeft VVKH een stedenbouwkundig plan gemaakt voor de herontwikkeling van een tweetal kantoorgebouwen aan de Verbeekstraat in Leiden. Wat nu een versteende omgeving is waarin de auto domineert moet straks een bruisende, groene en mensvriendelijke woonwijk worden. In lijn met de hoogbouwvisie van de gemeente wordt langs de Plesmanlaan een aantal volumes toegevoegd die een nieuw stadsaanzicht vormen langs deze toegangsweg van de stad. Samen met de ontwikkelingen op de Bio Science Campus aan de overzijde van de weg ontstaat hier een nieuw en innovatief stadsdeel.

In 2014 is in het kader van de Herijkingsagenda van de TU Delft de huisvesting voor het TU Delft Process Technology Institute gerealiseerd. In deze nieuwe organisatie zijn diverse leerstoelen binnen de afdelingen van zowel de faculteit 3mE als de faculteit TNW ondergebracht.  De huisvesting is gerealiseerd binnen de bestaande hal 3 van de faculteit 3mE, een grote industriële hal met sheddaken, en in de aangrenzende kantoorvleugel en een recente uitbreiding aan de Leeghwaterstraat. De totale herinrichting beslaat ca. 3600 m2; circa 2.800 m2 labruimtes, 400 m2 kantoor- en vergaderruimtes, 120 m2 studie- en onderwijsruimtes, en 280 m2 algemene voorzieningen.

In de nieuwe huisvesting profileert het TU Delft Process Technology Institute zich op het gebied van 3 toepassingsgebieden rondom procestechnologie en stromingsleer. Het onderzoek binnen deze gebieden heeft veelal een duurzame kant: het gaat bijvoorbeeld om energiezuinige productieprocessen, afvalverwerking, waterzuivering, en alternatieven voor schaarse grondstoffen. Onderwerpen die niet alleen belangrijk zijn voor de industrie, maar voor de hele samenleving. In de loop der jaren had de organisatie op verschillende plekken binnen de TU een scala aan proefopstellingen verzameld, waarvan eerst uitgezocht moest worden welke nog relevant, toekomstbestendig, veelbelovend, of vergeten en mislukt waren. Een bijzonder complexe puzzel, waarbij de nieuwe huisvesting ook nog eens ruimte moet bieden voor de experimenten van de toekomst. Met een heldere organisatie van ruimtes en installatietechniek, met oog voor brandveiligheid, en met veel geduld is de hele operatie tot een succes gebracht.  De nieuwe huisvesting bevordert de samenwerking tussen de betrokken afdelingen, en zorgt ervoor dat het onderzoek ook zichtbaar is voor de hele gemeenschap. De verschillende afdelingen maken gebruik van gedeelde onderzoeksfaciliteiten, een gemeenschappelijk macrolab, waar grote proefopstellingen kunnen worden gebouwd, om de haalbaarheid van industriële toepassingen te testen. Kantoor- en vergaderruimtes zijn geclusterd in de aangrenzende vleugels, die een directe relatie hebben met de onderzoeksruimte. Hier hebben de afdelingen hun eigen werkplekconcept gerealiseerd. Ook is er een aantal studentenwerkplekken gecreëerd binnen de labomgeving, het zogeheten ‘kraaiennest’.

De bouwkundige ingrepen zijn ruim binnen het gestelde budget gerealiseerd. De bijzondere ruimtelijkheid van de oorspronkelijke industriehal geeft het plan extra waarde. Bij verbouwingen binnen een bestaand complex blijkt de impact van het aanpassen van de installaties niet te onderschatten, zowel ruimtelijk als financieel. Dat geldt zeker voor een labomgeving als deze. Veel aandacht is daarom uitgegaan naar het integreren van de installaties in het bouwkundig ontwerp.

Het instituut heeft met de nieuwe huisvesting een herkenbare, transparante en bovenal doelmatige leer- en werkomgeving gekregen. Het gebouw draagt bij aan de aantrekkingskracht van het instituut op studenten. In het nieuwe instituut werken ca. 80 medewerkers en 35 studenten. Daarnaast zijn ca. 100 PhD studenten werkzaam binnen het instituut. 

In juni 2011 hebben de medewerkers van Achmea hun intrek genomen in het nieuwe hoofdkantoor (voor regio Zuidwest Nederland) aan de Dellaertweg in Leiden. Het Achmeagebouw (32.000m2) is enig in zijn soort. Het gebouw staat ingeklemd op een langgerekte kavel tussen het spoor en de wegen/tunnel van het stationsgebied. Vanwege de grote hoeveelheid leidingen die in de grond moesten blijven liggen is het gebouw opgetild. Het gebouw staat op slank vormgegeven kolomconstructies, die doen denken aan de vorm van een boom. De gevels zijn voorzien van gele, rode en blauwe panelen, als tegenwicht tegen de verder grijze kantooromgeving. Met de kleuren wordt verwezen naar Theo van Doesburg die in de jaren ‘20 van de vorige eeuw in Leiden kunstbeweging de Stijl oprichtte.Onder de grond bevindt zich een tweelaagse, openbare parkeergarage ten behoeve van 340 auto’s.